Metselen onder ongunstige
omstandigheden
Dit jaar hebben we voor Nederlandse (bouw)begrippen
te maken met extreme weersomstandigheden. Eerst
een lange vorstperiode en in de zomer veel zon
met hoge temperaturen. Regelmatig komen er dan
vragen over de mogelijke beperkingen bij de realisatie
van metselwerk door het weer. Voor een goed resultaat
zijn een gedegen morteladvies en het treffen van
maatregelen bij de verwerking cruciaal.
Wateropname
De vochtigheid van metselbaksteen op het moment
van verwerken verdient aandacht. Het gebruik van
te droge of te natte stenen kan een slechte verwerkbaarheid
en/of tot een slechte hechting van de metselmortel
leiden. Het wateropnemend karakter van de steen
uitgedrukt in de ‘initiële wateropzuiging’,
speelt hierbij een belangrijke rol. De initiële
wateropzuiging is een maat voor de hoeveelheid
water die een vooraf gedroogde baksteen in de
eerste minuut in contact met water (5 mm diep)
kan opzuigen. Dit getal uitgedrukt in kg/(m2*min)
is ook zeer belangrijk voor het geven van een
juist morteladvies. In de praktijk en vastgelegd
in BRL 1007 worden vier categorieën onderscheiden
(tabel 1).
Tabel 1: Indeling initiële wateropzuiging
volgens BRL 1007
| Categorie |
Declaratie |
| IW1 |
Zeer weinig zuigend |
< 0,5 kg/m2.min |
| IW2 |
Matig zuigend |
0,5 – 1,5 kg/m2.min |
| IW3 |
Normaal zuigend |
1,5 – 4,0 kg/m2.min |
| IW4 |
Sterk zuigend |
>4,0 kg/m2.min |
Aanbevelingen
Onder normale omstandigheden gelden de volgende
aanbevelingen:
Te droge stenen kan men voor verwerking geschikt
maken door de steenpakketten een à twee
dagen voor verwerking beperkt nat te maken en
alleen aan de bovenzijde afgedekt te laten drogen,
zodat de stenen winddroog – dat wil zeggen
droog aan de buitenkant en vochtig binnenin–
verwerkt kunnen worden.
Warm weer
Geadviseerd wordt altijd een gedetailleerd metselmorteladvies
aan de producent van de prefab metselmortel te
vragen, met het advies voor de verwerking van
de metselspecie en metselbaksteen. Naast de eigenschappen
van de metselbaksteen zal in het advies ook rekening
worden gehouden met de klimaatomstandigheden tijdens
de verwerking.
Bij hoge luchttemperaturen, maar vooral bij bezonning
van het metselwerk, moet extra aandacht worden
besteed aan de voorbevochtiging van het metselwerk,
respectievelijk moet worden nabehandeld. Sterke
bezonning moet worden voorkomen. Het gebruik van
te droge stenen kan tot een slechte hechting van
de metselmortel leiden of zelfs tot het verbranden
van de mortel. Onder deze omstandigheden moeten
sterk zuigende stenen (IW4) daadwerkelijk goed
worden bevochtigd en wordt geadviseerd ook de
stenen uit klasse IW3 te bevochtigen.
Er zijn tegenwoordig metselmortels op de markt
voor het verwerken van zeer sterk zuigende stenen,
zonder dat deze zijn voorbevochtigd. Dit type
mortel kan (in overleg met de mortelproducent)
bij hoge temperaturen ook worden gebruikt voor
normaal zuigende stenen (klasse IW3).
Het voegwerk moet voldoende tegen extreme uitdroging
door bezonning of (schrale) wind worden beschermd.
Dit kan enkel door de gevels vooraf voldoende
te bevochtigen om onttrekking van water aan de
mortel te voorkomen. De in de voegruimte aangebrachte
voegspecie moet worden nabehandeld door middel
van herhaald aanbrengen van water met behulp van
een nevelspuit. Deze zomer is bij zeer hoge temperaturen
regelmatig geadviseerd het voegen maar even uit
te stellen omdat het risico op verbranden van
de voegspecie te groot was.
Vorst
Bevriezen van "vers" metselwerk kan
tot aanzienlijke schade leiden. Geadviseerd wordt
beschermende maatregelen te nemen bij luchttemperaturen
lager dan 0 ºC.
Dek tassen bakstenen af zodanig dat er geen ijsvorming
in de steentassen optreedt. Diverse producenten
van mortels brengen producten op de markt die
het mogelijk maken ook bij vorst te metselen (tot
circa -5 °C). Volg bij gebruik van prefab
metselmortel altijd de specifieke aanwijzingen
van de metselmortelproducent op.
In de Uitvoeringsrichtlijn voor Metselwerkconstructies
(BKB Publikatie Nr. PBL0357/98) is in art. 5.5.1
Klimaatomstandigheden over het vermetselen van
stenen, blokken en elementen, het volgende opgenomen: