CERAME-UNIE
Koepelorganisatie van de Europese keramische industrie
13 juli 2009 - Persbericht (vertaald)
Concurrentiepositie van baksteen- en
dakpanindustrie bedreigd door concurrentievervalsing
als gevolg van recent gepubliceerde EC-lijst inzake
‘carbon leakage’
Volgens een op 1 juli jl. gepubliceerde lijst
van Europese sectoren met een risico op ’carbon
leakage’ zullen CO2-emissierechten kosteloos
worden toegewezen aan nagenoeg alle bouwtoeleverende
sectoren behalve die voor baksteen en keramische
dakpannen. Deze sectoren zullen de emissierechten
grotendeels op veilingen moeten gaan kopen. Dit
leidt tot een ernstige verstoring van de concurrentiepositie
en een ongelijke behandeling van de baksteen-
en keramische dakpanindustrie. Uit een onlangs
in opdracht van Cerame-Unie uitgevoerd onderzoek
blijkt dat alle keramische sectoren, waaronder
dus ook de baksteen- en keramische dakpanindustrie,
blootgesteld zullen worden aan het risico van
verplaatsing naar niet handelsplichtige gebieden
(‘carbon leakage’).
De Europese keramische industrie hecht groot
belang aan het behalen van de Europese doelstellingen
op het gebied van klimaatbeleid. De industrie
heeft veel in duurzame productiemethoden en energiebesparing
geïnvesteerd om de effecten van uit klei
geproduceerde materialen op het milieu gedurende
hun gehele levensduur zoveel mogelijk te beperken.
De Europese keramische industrie, die grotendeels
bestaat uit mkb-ondernemingen, is verantwoordelijk
voor niet meer dan 1% van de totale CO2.-uitstoot
terwijl daarentegen meer dan 10% van alle industriële
installaties die onder de Europese regeling voor
de emissiehandel (ETS) vallen tot de keramische
industrie behoort.
Volgens de ETS-richtlijn krijgen de sectoren
met het risico op ‘carbon leakage’
100% kosteloze emissierechten toegewezen op basis
van het emissieniveau van de 10% best presterende
ondernemingen binnen de sector. Uit de lijst die
op 1 juli jl. door de Europese Commissie werd
gepubliceerd, blijkt dat thans slechts enkele
deelsectoren van de keramische industrie (waaronder
wand- en vloertegels, hittebestendige producten
en sanitair) worden beschouwd als sectoren met
een dergelijk risico.
Op basis van de gebruikte gegevens is de Commissie
van mening dat voor bakstenen, keramische dakpannen
en gresbuizen (keramische rioleringen) geen sprake
is van een dergelijk "weglekrisico".
In de wetenschap dat meer dan 90% van de totale
industriële uitstoot, waaronder die voor
nagenoeg alle andere bouwmaterialen, wél
op de lijst van ‘carbon leakage’ staat,
leidt dit EC-standpunt tot een ernstige en onaanvaardbare
verstoring van de concurrentie tussen uit klei
geproduceerde bouwmaterialen en andere bouwmaterialen.
Indien de huidige lijst ongewijzigd blijft, zullen
alle installaties waar baksteen en keramische
dakpannen worden geproduceerd, dus inclusief de
10% best presterende fabrieken, geleidelijk 100%
van hun emissierechten op veilingen moeten gaan
kopen. Andere bouwmaterialen daarentegen zullen
hun CO2-emissierechten kosteloos toegewezen krijgen.
Dit zal bijzonder nadelige gevolgen hebben voor
de productie van baksteen en keramische dakpannen,
producten die nota bene leidend zijn in de groep
van materialen voor duurzame woningbouw. Wanneer
besloten zou worden om aan sectoren van bouwmaterialen
die het meeste CO2 uitstoten een groot deel van
de emissierechten kosteloos toe te wijzen, terwijl
voor materialen die minder uitstoten het grootste
deel van de emissierechten op veilingen zou moeten
worden gekocht, is dat niet alleen contraproductief
voor het milieu maar zou dat ook ingaan tegen
de doelstellingen van de richtlijn.
Zo zou de baksteen- en keramische dakpanindustrie
namelijk als een van de zeer weinige sectoren
met de energiesector moeten gaan concurreren op
veilingen voor CO2-emissierechten. Naar schatting
zou daar voor de gehele Europese bedrijfstak jaarlijks
meer dan 500 miljoen euro mee gemoeid zijn. Dat
betekent zonder meer een aantasting van de concurrentiepositie
van de baksteen- en keramische dakpanindustrie,
met een grote kans op verplaatsing naar derde
landen en het onvermijdelijke verlies van duizenden
arbeidsplaatsen in Europa.
Echter, Cerame-Unie heeft met onderzoek aangetoond
dat in verband met de problematische beschikbaarheid
van gegevens, het best aangewezen aggregatieniveau
voor de keramische industrie plaats heeft met
een driecijferig codering volgens NACE Rev. 2.
Uit een recente studie van Ecofys in opdracht
van Cerame-Unie blijkt dan ook dat bij dit aggregatieniveau
voor de gehele keramische industrie, dus inclusief
de baksteen- en keramische dakpanindustrie, het
risico op ‘carbon leakage’ is te bepalen.
Zie ook www.cerameunie.eu, www.tiles-bricks.eu