Waarde creëren in uiterwaarden
Ontwikkeling nieuwe natuur gaat aan eigen succes ten onder
Ewald L.J. van Hal
De Nederlandse baksteenindustrie is van oudsher verbonden met het rivierengebied in het oosten van Nederland (IJssel, Rijn en de Waal). Het is te danken aan deze industrie, en met name de winning van klei, dat het rivierenlandschap zich zo fraai heeft ontwikkeld en zowel flora als fauna grote stappen voorwaarts hebben kunnen zetten. Het pleidooi van Ger Vos en Hans Hillebrand van Innovatie Netwerk (FD van 23 december jl.) is dan ook recht uit het hart gegrepen. Zij breken een lans voor landschapsontwikkeling in plaats van landschapsbehoud als bijproduct van –in hun artikel- de moderne landbouw en recreatie. Wat zij onbenoemd laten is de waarde die –eveneens als bijproduct- kan worden gecreëerd door het winnen van (bouw)grondstoffen, zoals klei, in de uiterwaarden.
Voor de jaarlijks productie van de ca 1.5 miljard metsel- en straatbaksteen is klei nodig die grotendeels uit de stroomgebieden van onze grote rivieren afkomstig is. Kleiwinning is letterlijk een vorm van oppervlaktedelfstoffenwinning. Het is meestal beperkt tot het wegnemen van een bovenlaag (ca. 2,5 meter). Het is evident dat hierdoor bestaande natuur moet wijken.
Echter, op deze wijze heeft de baksteenindustrie wel eeuwenlang bijgedragen aan de cultuur- historische ontwikkeling van het rivierenlandschap. De grote diversiteit aan fauna- en florawaarden is mede een regelrechte verdienste van deze industrie. Werd aanvankelijk rechttoe rechtaan gewonnen, van meer recente datum is de met het WNF ontwikkelde techniek van het reliëfvolgend ontkleien. De kleilaag wordt teruggegraven tot op de onderliggende zandlaag. Hierdoor worden vroegere geulenpatronen en reliëf weer zichtbaar. Op de daarmee gerealiseerde ondergrond ontwikkelt zich een zeer grote biodiversiteit aan flora en fauna. Op deze wijze zijn vele duizenden hectares nieuwe riviernatuur ontwikkeld. Goede voorbeelden zijn te vinden in de Millingerwaard, de Bylandtse Waard en de Steenwaard bij Lobith/Tolkamer en de Blauwe Kamer bij Wageningen.
Natura 2000 regelgeving, maar ook vergelijkbare andere regels, dreigen echter zand in deze groene motor te strooien. Deze vooral op behoud van bestaande milieu- en natuurwaarden gebaseerde regels zijn potentieel belemmerend. Niet alleen voor het door vrijwel iedereen bepleite ecologische rivierherstel, maar ook voor de ontwikkeling van natte riviernatuur. Het wrange is echter vooral dat de natuurwaarden die in het verleden –onbedoeld en als bijproduct- zijn ontstaan door kleiwinning in die combinatie door de zucht naar ‘behoud’ niet langer geaccepteerd zal worden. Een prima voorbeeld hoe eigen succes aan zichzelf ten onder kan gaan!
infobladen | duurzaamheid | vaak gestelde
vragen