BORSTWERINGEN IN BAKSTEENMETSELWERK
KNB info 04
Gemetselde
borstweringen vragen de nodige aandacht om deze
netjes en goed waterkerend uit te voeren. Het detail
is in het kader van herziening van de SBR-Referentiedetails
dan ook uitvoerig besproken en aangepast naar de
laatste inzichten. Het nieuwe detail moet lekkages
en snelle vervuiling van het buitenspouwblad ter
plaatse van de borstwering voorkomen.
Waterkering
Om te zorgen dat de onderliggende vloer en het binnenspouwblad
droog blijven is het noodzakelijk om de borstwering
van een waterkering te voorzien. In de praktijk
wordt deze op verschillende manieren aangebracht.
Afwatering richting dakvlak wordt daarbij ontraden
omdat dit een verhoogde kans op lekkages geeft.
Door het buitenspouwblad dringend water of eventuele
condensvorming kan namelijk via de onderkant van
de waterkering naar binnen lopen.
Bij het SBR-detail is gekozen voor een afwatering
richting het buitenspouwblad waarbij de waterdichte
laag aan de spouwzijde enkele centimeters in het
buitenspouwblad wordt opgenomen.
Het doorzetten van de waterkering tot aan de buitenzijde
van het buitenspouwblad wordt niet meer geadviseerd
omdat dit in de praktijk nogal eens tot ontsierende
vlekken leidde.
Alternatief
Wanneer men er zeker van is dat het binnenblad van
de borstwering nauwelijks nat zal worden is een
waterkering tussen beide spouwbladen niet noodzakelijk.
Voor de waterdichtheid van de aansluiting met het
dak kan dan een loodslabbe worden ingemetseld, die
de naad tussen dakbedekking en muur afdekt. Regenwater
dat via het buitenspouwblad doorslaat zal net als
bij het overige gevelmetselwerk via de luchtspouw
zijn weg vinden naar de openstootvoegen ter plaatse
van de waterkeringen.

Binnenkant van borstwering die niet of nauwelijks
nat wordt
Muurafdekking en borstweringssteunen
Voor de muurafdekking is het van belang dat een
afdekking wordt gekozen met voldoende overstek en
een waterhol om vervuiling door afstromend regenwater
te voorkomen.
Een goede oplossing om een stabiele
opstand te maken met halfsteens metselwerk is de
toepassing van een stalen hulpconstructie in de
spouw, bestaande uit stijlen waartegen het metselwerk
is afgesteund.
Voor bevestiging van een betonnen
afdekband bestaan speciaal voor dit doel ontwikkelde
borstweringssteunen. Volg altijd de verwerking-
en montagevoorschriften van de fabrikant. De borstweringssteun
moet stevig, vlak en recht tegen de achterconstructie
worden gemonteerd.
Bij montage met een kopplaat is daarvoor een voldoende
vlakke verticale zijde van de achterconstructie
noodzakelijk. Uitvullen kan met de voor dit doel
ontwikkelde vulplaten of krimparme mortel. Het uitvullen
(vaak maximaal 15 mm) dient over de volledige hoogte
en breedte van de kopplaat te gebeuren. Bij gebruik
van een voetplaat dient deze gelijk strak op de
bovenzijde van de betonvloer gemonteerd te worden.
De bij de borstweringssteunen behorende gelaste
of losse spouwankers worden bevestigd aan één
van de spouwbladen, vaak het binnenblad. Deze ankers
niet koud op de steen plaatsen maar in de specie
drukken zodat deze in het midden van de lintvoeg
uitkomen.
Voor de koppeling binnen-buitenblad
worden de reguliere RVS spouwankers toegepast. Bij
de doorbreking van de waterdichte laag door de borstweringssteun
dient deze aansluiting zorgvuldig waterdicht afgedicht
te worden.
Bij koppeling van de afdekband aan
de borstweringssteun door middel van draadeinden
of een flexibele beugel dient deze verbinding handvast
te worden bevestigd omdat de verticale uitzetting
van het buitenspouwblad niet mag worden belemmerd.
De uitzettingscoëfficiënten van metselwerk
en beton zijn niet gelijk. Spanningen ten gevolge
van temperatuurs-veranderingen moeten daarom worden
voorkomen. Een flexibele aansluiting tussen afdekking
en muur wordt geadviseerd. Dit kan met kit of met
een speciale mortel die verschillen in uitzetting
opvangt, terwijl de aanhechting gegarandeerd blijft.
KNB en door deze ingeschakelde
derden betrachten hun uiterste best en de grootst
mogelijke zorgvuldigheid om tot een in alle opzichten
toereikende dienstverlening te komen. Het is desondanks
altijd denkbaar dat sprake kan zijn van een omissie,
een gebrek en/of een
onnauwkeurigheid, onjuistheid of onvolledigheid
in een advies of product. KNB alsmede de door deze
ingeschakelde derden aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid
voor welke schade ook die daarvan het gevolg is,
zou kunnen zijn of geacht wordt te zijn.
Velp, juni 2010